South West Coast Path – 3 etappes
TINEKE WINK
Ik houd van de zee en van lange wandelingen. Hoe mooi is het dan dat er kustroutes bestaan waarop de zee bijna altijd in beeld is? Een goed voorbeeld is het South West Coast Path in Engeland, dat mede dankzij het boek Het zoutpad van Raynor Winn steeds meer bekendheid heeft gekregen. Deze spectaculaire wandelroute volgt over een lengte van ongeveer 1000 kilometer de kustlijn van Zuidwest-Engeland. Onderweg wandel je door kleine vissersdorpjes en populaire badplaatsen, maar vooral geniet je van indrukwekkende kliffen, verborgen baaien en uitgestrekte stranden.
Ik heb het geluk dat mijn schoonvader en zijn vrouw in het prachtige Cornwall wonen. Samen met mijn vriend ga ik hier jaarlijks naartoe. We verblijven dan altijd op East Crinnis Holiday Park in Par, een fijne uitvalsbasis om een deel van het South West Coast Path te ontdekken. We komen meestal in september of oktober en logeren dan in een blokhut. Lekker comfortabel en knus, en dankzij de centrale verwarming ook ideaal voor de soms gure herfstdagen.
East Crinnis Holiday Park is een combinatie van een camping en glamping, met ruime staanplaatsen en verschillende faciliteiten. Vanaf hier wandel je in ongeveer een kwartier naar het kustpad en het strand. Ook het historische havenplaatsje Charlestown ligt op wandelafstand: in ongeveer een uur sta je al tussen de kleurrijke huisjes en oude schepen.
In deze blog licht ik drie etappes uit die je vanuit Par, of vanuit de omgeving, kunt wandelen. De officiële etappes zijn vaak langer dan de wandelingen die ik zelf heb gemaakt. Ik heb de routes aangepast aan onze uitvalsbasis en het aantal uren dat we onderweg wilden zijn.
Zo kun je ook tijdens een vakantie op één plek een paar mooie stukken van het South West Coast Path ontdekken. En minstens zo fijn: er blijft genoeg tijd over om na afloop met een pint op een terras in de zon te zitten.
1. Mevagissey – Par
Afstand en wandeltijd:
- Afstand: ongeveer 17,2 kilometer voor de officiële kustroute van Mevagissey naar Par. Vanaf de camping komt daar nog een stukje bij.
- Wandeltijd: reken op ongeveer 5 tot 6 uur wandelen, 5 als je stevig doorloopt met korte pauzes, 6 als je een lange pauze incalculeert.
- Moeilijkheidsgraad: Je krijgt onderweg flink wat klimmetjes, afdalingen en trappen langs de kliffen voor je kiezen.
Mijn schoonvader brengt ons met de auto naar Mevagissey. Het is ongeveer twintig minuten rijden vanaf de camping. Vanaf daar wandelen we terug naar Par, zodat we na afloop gewoon bij ons verblijf aankomen.
Een kleurrijk begin in Mevagissey
Hoewel we al eens eerder in Mevagissey zijn geweest, vinden we het leuk om hier nog even rond te kijken voordat we aan de wandeltocht beginnen. Je blijft namelijk maar staren naar de kleurrijke vissersbootjes die op het water dobberen en de pastelkleurige huisjes die tegen de heuvel lijken op te klimmen. Het is net een schilderij.
Aan de haven vind je verschillende cafés met terrasjes en picknickbanken waar je een kop koffie kunt drinken. Bestel je iets te eten, houd dan wel een oogje op de seagulls, oftewel meeuwen. Die zijn behoorlijk brutaal en stelen zo je eten als je even niet oplet.
Rond elf uur vertrekken we vanaf de haven. Langs een lichtblauw, roze en geel huisje wandelen we steil omhoog. We passeren net laatste mintgroene huis voordat we de groene heuvels bereiken.
Het pad slingert door het groene landschap met aan de rechterkant de zee. Na ongeveer een halfuur wandelen komt de lange zandstrook van Pentewan Beach in zicht. We hebben inmiddels al een paar klimmetjes en afdalingen gehad, maar tot nu toe valt het mee.
Klimmen en dalen
Pentewan Beach is een ideale plek voor een eerste pauze. In en rond het dorp vind je horecagelegenheden en bij het strand kun je terecht voor een drankje. Wij vinden het na een uurtje wandelen nog wat vroeg om uitgebreid te gaan zitten, dus lopen we verder.
Dat blijkt best een uitdaging. De route wordt namelijk langzaam zwaarder. Vlakke stukken zijn op het South West Coast Path sowieso schaars, maar dit gedeelte is echt next level. Vrijwel voortdurend zijn we aan het klimmen of dalen. Onze voeten krijgen het behoorlijk te verduren.
Gelukkig hebben we eiwitrepen en chocolade meegenomen. Vooral de Boost-repen zijn favoriet: een soort Twix, maar dan met een zachte karamelvulling. We zijn er tijdens onze vakanties in Engeland behoorlijk verslaafd aan geraakt.
We ploeteren gestaag verder. Gelukkig maakt het uitzicht op de kliffen, verborgen baaitjes en de Atlantische Oceaan veel goed. Soms hebben we net een afdaling achter de rug en moeten we alweer omhoog. Het pad wordt steeds steiler en we voelen de kilometers in onze benen.
Na ongeveer drieënhalf uur wandelen bereiken we Porthpean Beach, een mooi zandstrand in de buurt van Charlestown. Vanaf hier is het nog ongeveer veertig minuten lopen naar Pier House in Charlestown. Na ruim vier uur onderweg te zijn geweest, vinden we het hoog tijd voor een welverdiende pauze.
Een pint in Charlestown
Pier House ligt op een geweldige plek met uitzicht over de haven. Charlestown is een historisch havenplaatsje dat bekendstaat om zijn oude kades en tall ships. Het is bovendien een geliefde filmlocatie.
Terwijl we op het terras zitten, genieten we van het uitzicht en komen onze benen eindelijk even tot rust. Na een pint haal ik nog een kleine portie fish-and-chips bij een viskraam. Een goede manier om wat extra energie op te doen voor het laatste gedeelte van de wandeling.
Dat laatste stuk duurt nog ongeveer een uur en is gelukkig veel minder zwaar dan het gedeelte voor Charlestown. We wandelen over groene heuvels, langs het strand bij Carlyon Bay, langs een golfbaan en over het spoor heen. Daarna moeten we nog een weg oversteken voordat we via het laatste stuk door het bos teruglopen naar de camping. Rond vijf uur komen we aan. Inclusief een lange pauze zijn we dus ongeveer zes uur onderweg geweest.
De uitdaging van deze etappe maakt het leuk. Door al die hoogtemeters kun je niet ver vooruitkijken. Waar je op vlakke stukken soms kilometers ver over de kust uitkijkt, is het hier steeds weer een verrassing wat je na de volgende klim of afdaling te zien krijgt.
2. Par – Fowey
Afstand en wandeltijd:
- Afstand: ongeveer 10,9 kilometer voor de officiële kustroute van Par naar Fowey. Vanaf de camping wandel je eerst nog naar het kustpad.
- Wandeltijd: ongeveer 3 tot 4 uur, afhankelijk van de pauzes
- Moeilijkheidsgraad: matig tot pittig, met enkele stevige klimmetjes en afdalingen, vooral rond Gribbin Head.
Deze etappe is korter dan de wandeling van Mevagissey naar Par, maar minstens zo afwisselend. Je loopt langs stranden en door bosrijke stukken, met als hoogtepunt de groene landtong bij Gribbin Head.
Op weg naar Polkerris Beach
Vanaf de camping wandel ik via het bospad en over de spoorlijn richting het kustpad. Ik passeer een kleine inham die me dichter bij de kust brengt. Daar zie ik het uitgestrekte strand van Carlyon Bay liggen.
Het eerste gedeelte loopt over een kronkelend pad, met de Atlantische Oceaan aan mijn rechterhand. Na ongeveer veertig minuten kom ik bij een minder inspirerend stuk uit. Ik moet een bruggetje over en vervolgens een stukje langs een drukkere weg lopen.
Gelukkig is het South West Coast Path over het algemeen goed gemarkeerd. Je herkent de route aan de bekende eikelsymbolen van de National Trail en aan de wegwijzers met de naam van het pad. Ook op plekken waar de route door bebouwing loopt, helpen de markeringen je om de juiste richting te vinden.
Als ik een straat met huizen in loop, verschijnt er gelukkig al snel een bordje dat me naar rechts stuurt. Na ongeveer een kwartier laat ik de bebouwing weer achter me en wandel ik verder richting het brede zandstrand van Par Sands.
Daarna volg ik de kust verder. Na een tijdje verschijnt Polkerris Beach in beeld. Een perfecte plek om na ongeveer twee uur wandelen een pauze in te lassen.
Ik vind bij strandtent The Rashleigh Inn een beschut plekje uit de wind en bestel een ijskoffie. Terwijl ik in de zon zit, geniet ik van dit rustmomentje. Wat is Cornwall fantastisch! Voor de natuur zou ik hier absoluut kunnen wonen.
Ik ben misschien nog wel enthousiaster over Cornwall dan over de Algarve. Dat komt vooral omdat het hier buiten de drukke vakantieperiodes rustiger aanvoelt. Je hebt op veel plekken alle ruimte om van de natuur te genieten.
Gribbin Head: groene landtong
Na Polkerris moet ik weer omhoog. Het pad voert via trappen en door het bos naar de kliffen. Het kustpad is opnieuw duidelijk gemarkeerd met gele pijlen en de bekende eikelsymbolen. Soms staan ze zelfs op plekken waar het eigenlijk al overduidelijk is dat je het juiste pad volgt.
Ik kom uit op de groene landtong Gribbin Head. Boven op Gribbin Head staat de opvallende rood-wit gestreepte dagmarkeringstoren, die in 1832 werd gebouwd om schepen te helpen de kust te herkennen.
De kleuren steken mooi af tegen elkaar: het felrode en witte van de toren, het groene gras en de blauwe lucht met vriendelijke stapelwolkjes. Ik heb geluk dat het vandaag zo zonnig is.
Romantisch strandhuis
Na Gribbin Head daal ik af richting Polridmouth. Ik kom op een idyllisch plekje terecht, alsof ik rechtstreeks een roman binnenstap. Denk aan een romantisch strandhuis, kleine zandbaaien, een meer en de rood-witte toren die boven de kliffen uitsteekt.
Ik wandel verder door een bosrijk gedeelte en kom langs de restanten van een historisch kustverdedigingswerk. Langzaam kom ik dichter bij Fowey. Via Readymoney Cove, een kleine beschutte baai vlak voor het stadje, loop ik weer over asfalt Fowey in. Al het groen maakt plaats voor kleurrijke huisjes, smalle straatjes en luxe vakantievilla’s aan het water.
Aankomst in Fowey
Na ongeveer vier uur wandelen, inclusief een pauze van een halfuur, kom ik aan in Fowey. Dit havenplaatsje is een heerlijke plek om nog even rond te slenteren. Je vindt er winkels, gezellige cafés en mooie uitzichten over het water.
Mijn vriend komt me hier met de auto ophalen. Fowey ligt op ongeveer een kwartier rijden van de camping, waardoor deze etappe heel goed te combineren is met een verblijf in Par. Als je maar één wandeling vanuit Par zou maken, zou ik deze zeker overwegen. Vooral Gribbin Head en de omgeving van Polridmouth zijn wat mij betreft absolute hoogtepunten.
3. Zennor – St Ives
Afstand en wandeltijd:
- Afstand: ongeveer 11 tot 12 kilometer voor de officiële kustroute van Zennor naar St Ives.
- Wandeltijd: reken op 4 uur, door het vaak rotsachtige pad loop je langzamer dan normaal
- Moeilijkheidsgraad: Het pad is rotsachtig en op sommige plekken steil, met losse stenen, modder en flinke hoogteverschillen.
Deze etappe vraagt iets meer voorbereiding dan de vorige twee. Eerst moeten we ruim een uur rijden om in St Ives te komen.
Vanaf daar nemen we de bus naar het piepkleine dorpje Zennor, waar ongeveer tweehonderd mensen wonen. Het belooft een van de mooiste etappes van het South West Coast Path te worden, dus we zijn benieuwd!
Eerst koffie in het levendige St Ives
We beginnen de dag met een kop koffie in de badplaats St Ives. Hoewel het hier behoorlijk toeristisch is, ben ik hier graag. Je hebt er meerdere mooie stranden, van kleine, beschutte baaien tot brede zandstranden.
St Ives staat ook bekend om zijn kunstenaars en galerieën. Het bijzondere licht aan de kust heeft door de jaren heen veel schilders aangetrokken. Dat zie je nog steeds terug in de vele studio’s, ateliers en kunstgalerieën die je in het stadje tegenkomt.
Na onze koffie pakken we de bus naar Zennor. De rit duurt ongeveer twintig minuten. We stappen uit langs de weg, op een plek waar je niet direct een dorp zou verwachten. Toch staan we binnen een paar minuten midden in Zennor.
We lopen langs een klein winkeltje waar je onder meer scones kunt kopen, totdat we een bordje tegenkomen dat ons richting het South West Coast Path wijst. Vanaf hier begint onze wandeling.
Langs kliffen en verborgen baaien
Het landschap rond Zennor is ruig en indrukwekkend. Het pad slingert langs de kust, met steeds weer nieuwe doorkijkjes over de Atlantische Oceaan.
Het is een compleet ander landschap dan de stranden en kleurrijke dorpjes die we tijdens de vorige wandelingen hebben gezien.
Het pad blijft kronkelen langs de kust. De combinatie van het blauwgroene water, de grijze rotsen en het groene grasland is prachtig. Helaas wordt het steeds bewolkter, waardoor de kleuren wat minder uitbundig zijn dan bij helder weer. Toch blijft het uitzicht indrukwekkend. En met bijna twintig graden is het gelukkig heerlijk wandelweer voor begin oktober. Even dreigt het te gaan regenen, maar het blijft gelukkig bij een paar drupjes.
Een pittige wandeling door de natuur
Tot nu toe vind ik dit de meest uitdagende etappe wat betreft het terrein. Het is misschien niet overal zo steil als het gedeelte tussen Mevagissey en Par, maar de ondergrond is ruiger. Regelmatig moeten we over ongelijke stenen klauteren en op sommige plekken zijn de paden glibberig of modderig.
Hierdoor voel je de kilometers al snel in je benen. Je moet goed opletten waar je je voeten neerzet en kunt niet overal in hetzelfde tempo doorlopen. Zeker wanneer het heeft geregend, is het verstandig om stevige wandelschoenen met goede grip te dragen.
Dit voelt voor mij als de meest avontuurlijke van de drie etappes. Het is minder een wandeling langs gezellige dorpjes en zandstranden en meer een tocht waarbij je de elementen ervaart. Je hebt veel ruimte om je heen en komt regelmatig op plekken waar je het gevoel hebt helemaal alleen op de wereld te zijn. We komen maar een handvol andere wandelaars tegen, dus dat draagt zeker bij aan dat gevoel.
En dat vind ik zo bijzonder aan deze route. Je bent niet bezig met het volgende dorpje of terras, maar vooral met de natuur om je heen. Iedere bocht in het pad levert weer een nieuw uitzicht op.
Van ruige kliffen naar kleurrijke straten
Het contrast met het einde van de wandeling is groot. Je begint in het rustige, ruige landschap rond Zennor en eindigt in de levendigheid van St Ives.
Na uren langs kliffen en rotsen te hebben gelopen, zien we eindelijk de stranden en kleurrijke huizen van de badplaats weer verschijnen.
We hebben ongeveer vier uur gedaan over de route van zo’n twaalf kilometer. Dan hebben we het ook wel rustig aan gedaan, met pauze momenten tussendoor. Het is zonde om zo snel door zo’n mooi landschap te stappen en we hebben de tijd.
Voordat we weer in de auto stappen, drinken we natuurlijk nog een pint. Na zo’n wandeling hebben we die wel verdiend!
Van de drie etappes vond ik deze het meest avontuurlijk. Zoek je vooral brede zandstranden, gezellige terrassen en schilderachtige vissersdorpjes, dan zou ik eerder voor een van de andere twee kiezen. Maar houd je van ongerepte natuur, rotsachtige paden en indrukwekkende uitzichten, dan mag je deze etappe eigenlijk niet overslaan.
Tips voor het South West Coast Path
Het weer, de hoogteverschillen en de voorzieningen onderweg kunnen je wandeldagen flink beïnvloeden. Met een paar praktische tips maak je je tocht door Cornwall een stuk comfortabeler en voorkom je dat je onderweg voor verrassingen komt te staan.
Kleed je in laagjes
Mijn belangrijkste tip: trek laagjes aan! In Cornwall is het heel normaal dat de zon schijnt en je twee minuten later een bui op je hoofd krijgt. Dat maakt het wandelen ook wel weer avontuurlijk, omdat je onderweg met allerlei weersomstandigheden te maken kunt krijgen. Neem daarom een regenjas mee, ook als de weersvoorspelling er goed uitziet. Schijnt de zon eenmaal, dan voelt het meteen een stuk warmer aan. Op zulke momenten waan je je bijna in een mediterraan land. Juist die afwisseling maakt Cornwall zo bijzonder.
Neem voldoende eten en drinken mee
Langs sommige stukken van het South West Coast Path kom je regelmatig een dorpje of horecagelegenheid tegen, maar op andere stukken zijn de voorzieningen schaars. Zeker op de route tussen Mevagissey en Par is het verstandig om voldoende water en iets te eten mee te nemen. Ook tussen Zennor en St. Ives kom je niets tegen. Controleer vooraf waar je onderweg iets kunt kopen en houd er rekening mee dat cafés, strandtenten en pubs buiten het hoogseizoen soms beperkte openingstijden hebben.
Draag goede wandelschoenen
Ik heb ooit de fout gemaakt om wandelschoenen met slechte grip te kopen voor een vulkaanhike. Gevolg: ik dreigde om de haverklap een uitglijder te maken. Of ik gleed echt uit over het vulkaangrind. Vooral op de rotsachtige paden rond Zennor zijn gripvaste zolen belangrijk. Onderschat de hoogteverschillen niet. Ook als een etappe op papier niet zo lang lijkt, kan door het vele klimmen en dalen veel langer aanvoelen.
Beste reistijd voor Cornwall
Juli en augustus zijn de warmste maanden in Cornwall, maar net als veel andere plekken in Europa ook overladen met toeristen. Ik zou hier zelf in het voor- of naseizoen naartoe gaan. Met een beetje geluk heb je nog mooi nazomerweer en er zijn dan veel minder toeristen dan in de zomer. In de winter kan het er heel stormachtig zijn, dus die periode zou ik vermijden.
