Vézelay naar Le-Puy-en-Velay
MINKE WINK
De meeste pelgrims die vanuit Vézelay richting Santiago de Compostella wandelen, volgen de Via Lemovicensis. Logisch, omdat het de officiële en meest gebaande route is. Maar wij kiezen natuurlijk voor het alternatief dat iets meer buiten de gebaande paden ligt.
We maken een omweg via Le-Puy-en-Velay zodat we vanaf daar de Via Podiensis op kunnen pakken. Tussen Vézelay en Le Puy bestaat geen erkende pelgrimsroute en dat betekent: weinig bewegwijzering, weinig slaapplekken en regelmatig lange etappes door pure natuur. Het voelt voor ons echt alsof hier een ander soort camino start. We laten onze medepelgrims en Vézelay achter ons en trekken de natuur in. We volgen een mix van de GR13 en later de GR3. De eerste dagen lopen we dwars door het groene hart van Frankrijk: het Parc Naturel Régional du Morvan. Een uitgestrekt, stil middelgebergte met bossen, meren, verlaten dorpjes en eindeloze heuvelruggen. Het landschap is adembenemend, maar ook grillig. De Morvan staat bekend om zijn regen en paden kunnen modderig of onbegaanbaar worden. Het is soms zoeken naar slaapplekken want die zijn schaars op deze route.
Maar juist doordat alles minder vanzelfsprekend is, ervaren we de pelgrimstocht hier in zijn meest pure vorm. Minder plannen, meer vertrouwen. Van onverwachte overnachtingsplekken, ontmoetingen met locals tot het zelfredzaam worden, deze route krijgt voor ons hiermee een unieke charme. Stap voor stap komen we nog dieper in het ritme van de camino. In deze blog neem ik je mee door onze etappes tussen Vézelay en Le Puy-en-Velay. Ik deel mijn ervaringen, de route die we kiezen en waar we slapen.
Dag 1: Vézelay – Marigny-l’Églie (32km)
We pakken onze spullen in en lopen naar beneden voor het ontbijt. De koffie staat al te pruttelen en er ligt stokbrood en beleg. Heerlijk! Daarna gaan we naar de basiliek voor de zegening. Als de nonnen en monniken beginnen te zingen, krijg ik kippenvel. Het maakt enorm veel indruk op me en ik word er emotioneel van. Als we aan het einde van de dienst een zegening krijgen, houd ik het amper droog. Wat bijzonder om dit mee te mogen maken. Hierna lopen we terug naar de herberg en nemen we afscheid van Maria. Ze loopt vandaag alleen verder. Het is tijd voor een nieuwe route. We gaan het natuurpark Le Morvan in. Le Morvan is een dunbevolkt heuvelachtig massief in Frankrijk, tussen Beaune en Nevers in de Bourgogne. En dat merken we meteen. De hele dag lopen we op en af en zetten we de kuitspieren flink aan het werk. We genieten van het bos en de uitzichtpunten onderweg. Het pad is afwisselend en uitdagend.
De paar dorpjes waar we doorheen komen zijn niet meer dan een paar huizen. Na vele kilometers, pauzeren we even in een spookdorpje waar we water uit de fontein halen. Hierna is het nog meer dan tien kilometer lopen. Pittig, maar we zetten door. Het pad gaat op en af en we blijven klimmen en dalen. Als we er bijna zijn, begint het ook nog eens hard te regenen. We hebben nog steeds een flink tempo en klimmen de laatste kilometers naar onze eindbestemming Marigny-l’Église. Als we uiteindelijk in dit piepkleine dorp aankomen hebben we onze overnachtingsplek snel gevonden. We worden verwelkomd door Phillipe en zijn hondje Sangee die zijn huis openstelt voor pelgrims als donativo. Op de zolder staan meerdere bedden en er is een wc en badkamer. Maar eerst thee. Philippe spreekt een beetje Engels en wij een heel klein beetje Frans. Samen met Google Translate werkt het prima. Na de thee gaan we even opfrissen en ’s avonds zitten we samen aan het avondeten. Na het eten drinken we nog een kop thee en daarna gaan we op bed. Morgen weer een dag!
Dag 2: Marigny-l’Églie – Lac des Settons (32km)
Vroeg in de ochtend zitten we samen met Philippe aan het ontbijt. We krijgen een soepkom met koffie. Dat is normaal in Frankrijk. Na het ontbijt gaan we weer op pad. Al snel lopen we weer door het bos. Kilometers lang klimmen en dalen we. In sommige stukken bos is het mos groengeel. Bijzonder om te zien. Het regent keihard als we bij de weg aankomen. Aan de weg ligt een hotel met restaurant waar we naartoe rennen om te schuilen. Het hotel is dicht, maar er is gelukkig wel een afdak. De eigenaar komt even later naar buiten en vraagt of we iets warms willen. Het is een Nederlander dus dat praat wel makkelijk. We krijgen een kop warme chocolademelk. Super lief! Als het stopt met regenen lopen we weer verder. Al snel zijn we weer in het bos en moeten we een pittige klim naar boven maken. We lopen op en af door het bos. In het piepkleine dorpje Gouloux nemen we nog even pauze op een vies picknickbankje. Hier is ook een klompen museum waar we langslopen. Heel bijzonder. Daarna gaan we weer de bossen in. Het regent ook weer even.
Als we uiteindelijk helemaal kapot bij het meer aankomen, zijn we bijna bij de camping. We moeten rechts afslaan, maar links zie ik een winkel. We gaan even binnen kijken. Mijn hand reikt naar een fles rode wijn op de onderste plank. Linda twijfelt ook niet meer en we kopen de fles samen met wat snacks. Dat hebben we wel verdiend! Bijna een uur later lopen we de laatste 15 minuten naar de camping. We worden hier ontvangen door een meneer die goed Engels spreekt. We mogen in de tv room slapen dus de tent blijft droog en ingepakt vannacht. Na een warme douche en een zakje astronauten voedsel kruip ik kapot en voldaan m’n slaapzak in.
Dag 3: Lac des Settons – Athez (27km)
We starten rustig op en ontbijten met havermout en cakejes. Daarna gaan we op pad. De eerste kilometers gaan langs het meer en zijn nog goed te doen. Ik merk wel dat ik echt moe ben. M’n benen werken ook minder goed mee dan normaal. Deze GR is toch echt wel wat anders dan de Via Campaniensis die we hiervoor liepen. Als we het meer verlaten is het meteen weer klimmen. We lopen weer door het bos totdat we in het dorpje La Chaise aankomen. Hier staat een picknickbankje waar we even uitrusten. Na een paar happen havermout met water lopen we weer verder. Binnen no time zijn we weer in het bos waar we kilometers doorheen lopen. Als we eindelijk in het dorp Annost aankomen, zien we dat de supermarkt gesloten is voor de middagpauze. Er is wel een pizzeria open. We hebben mega trek en besluiten hier wat te eten en drinken. Daarna halen we boodschappen in de veel te dure mini supermarkt. We negeren de route en lopen vervolgens in een rechte lijn naar de pelgrimsherberg in Athez. Het is wel nog even een pittige klim. De laatste voor vandaag. Uiteindelijk komen we gesloopt aan in de herberg. Deze is enorm groot met een grote keuken, woonkamer en zeker 15 stapelbedden. Floor ligt hier in een van de bedden en voelt zich niet fit. Ze liep een dag op ons voor, maar heeft hier een rustdag. We praten even bij over de afgelopen dagen die behoorlijk pittig waren en haar dus gevloerd hebben. Wij zijn ook echt kapot en na het eten duiken we ook een van de stapelbedden in.
Dag 4: Athez – Crot Morin (15km)
We hebben besloten om vandaag niet zoveel kilometers te lopen en maar te kijken waar we terecht komen en een slaapplek kunnen vinden. Floor blijft nog een extra nachtje in de herberg om te herstellen. Na de lunch gaan we weer op pad. We laten Athez achter ons en komen al snel weer in het bos terecht. In het kleine dorpje Roussilon-en-Morvan pauzeren we even in de kerk die open is. Daarna zijn we al snel weer op een bospad. Het is klimmen en klauteren over de stenen langs een stroom en een paar watervallen. Wat een uitdaging weer! We komen hier opeens ook veel andere wandelaars tegen die de andere kant op gaan. Uiteindelijk komen we aan bij een parkeerplaats en de grote weg. Deze moeten we een stuk volgen tot we weer het bos in geleid worden. We blijven de GR route bordjes volgen die aangegeven worden met rood-witte strepen. Dat blijkt toch niet zo slim te zijn want als we even op de kaart kijken als we alweer een stuk bos ingelopen zijn, blijkt dat we helemaal verkeerd zitten. We hadden al anderhalf kilometer eerder een ander pad moeten hebben. We proberen eerst nog via maps.me een korte route te pakken, maar als we vastlopen in het bos lopen we toch maar weer terug naar het punt waar we de afslag hebben gemist. We pakken nu wel het juiste pad en komen uiteindelijk aan in het dorpje Crot-Morin. Hier willen we een plekje zoeken om te kamperen. We zien nog niet echt een goede spot en besluiten om eerst te vragen bij de mini boerderij op de route waar ze hutjes verhuren. Misschien kunnen we daar met onze tent staan. We mogen hier met onze eigen tent kamperen, maar kunnen er ook voor kiezen om in een van de hutjes te slapen. We kiezen voor het hutje. Er ligt alleen een matras, tafeltje en lampje in, maar het ziet er leuk en knus uit. En het is koud en het lijkt ons warmer om daarin te slapen dan in onze tent. De compost wc en douche zijn een stukje verderop. We mogen van het kleine keukentje gebruik maken en het overdekte lounge gedeelte waar ook een lange picknickbank staat. Helemaal top, dit!
Dag 5: Crot Morin – Larochemillay (22km)
Bij de picknicktafel eten we nog wat warme havermout en we krijgen nog een kopje koffie. Daarna gaan we weer op pad. We lopen een klein stukje door het bos en daarna over een asfaltweg langs een paar huisjes en boerderijen. Via het kleine dorpje Villachaise lopen we naar Glux-en-Glenne. Op een van de bankjes naast de kerk nemen we even pauze voordat we weer verder lopen. Het is een fikse klim langs een aantal informatieborden en opgravingen naar het hoogste punt van vandaag op 800 meter. We pauzeren even op een boomstam bij de parkeerplaats en ik eet mijn laatste Snickers op. Daarna lopen we naar het viewpoint. Vanaf hier hebben we een prachtig uitzicht op de Morvan. Jammer dat het net vandaag super bewolkt en zelfs een beetje mistig is. Het is ook best fris hier en dus lopen we snel weer door. Al snel is het kilometers dalen. Als we uiteindelijk weer uit het bos zijn en beneden op een asfaltweg staan, besluiten we de kortste route naar onze eindbestemming te pakken en niet meer door het bos te gaan lopen. Niet veel later komen we aan bij de pelgrimsherberg in Larochemillay. We krijgen een eigen kamer en zijn verder ook de enigen in dit enorme huis met 2 verdiepingen. Na een warme douche duiken we al snel onder de dekens om warm te blijven.
Dag 6: Larochemillay – Issy-l’Évêque (22km)
We pakken onze spullen en maken in de keuken havermout warm voor ontbijt. Daarna gaan we op pad. We laten het slapende dorp en de enorme herberg achter ons en lopen gedeeltelijk door het bos en gedeeltelijk langs de weilanden naar het kleine dorpje Millay. Hier rusten we even uit op een leeg terras. Het is nog vroeg en we hebben nog maar 5 kilometer te lopen. We kijken op tegen de 27 kilometer die nog gaat komen door de bossen en zonder een dorp onderweg tegen te komen. Tenminste, als we de route blijven volgen zoals aangegeven in onze maps.me. Deze volgt veelal de GR 13 en GR 3 en die zijn tot nu toe best pittig. Opeens krijg ik een ingeving. Ik zie Luzy op een bord staan en vraag me af of we daar niet langs kunnen lopen. Het is een wat groter dorp met voorzieningen. Het is mooi weer dus misschien kunnen we daar op een terras zitten. Ik check de kortste route in de app. Die gaat via Luzy en is 10 kilometer korter. De keuze is snel gemaakt. We gaan naar Luzy. In een rechte lijn over een heerlijk landweggetje lopen we daar naartoe.
Omdat we nu niet in het bos lopen kunnen we meer genieten van het landschap en de vergezichten. We lopen langs weilanden waar witte of lichtbruine koeien staan te grazen. Af en toe passeren we een boerderijtje. Een klein gedeelte van het pad is een modderweg, maar ook dat trotseren we met gemak. Als we bijna in Luzy aankomen zien we dat hier ook een soort leegloop gaande is en veel barretjes en restaurants permanent gesloten zijn. Dan maar een blikje drinken uit de buurtsuper halen en op een bankje voor de apotheek ons eigen terras creëren. Daarna nemen we nog een kijkje in de kerk en laten dan Luzy weer achter ons. In een bijna rechte lijn lopen we de laatste 10 kilometer naar onze eindbestemming. Links en rechts worden we af en toe aangestaard door koeien en hun kalfjes. De laatste kilometers zijn toch nog wel pittig weer. We zijn blij als Issy-l’Évêque in beeld komt. Bij de pelgrimsherberg in het dorp worden we welkom geheten door Joël die ons een rondleiding en de sleutel geeft. Er zijn verder geen andere pelgrims dus we hebben het huisje voor onszelf.
Dag 7: Issy-l’Évêque – Mont (22km)
We slapen uit en lopen naar de supermarkt en daarna door naar de boulangerie voor baguettes. In de pelgrimsherberg maken we een feestontbijt met havermout en oploskoffie met melk. We doen het rustig aan want we gaan niet meer dan 25 kilometer lopen en we willen vanavond wildkamperen. We moeten dus niet te vroeg op onze eindbestemming aankomen. Aan het eind van de ochtend doen we de herberg op slot, het envelopje met geld en de sleutel in de brievenbus, en gaan we op pad. Al snel lopen we weer op de boerenpaadjes tussen de weilanden met witte koeien en stieren. Het pad is heuvelachtig, maar goed te doen. In het kleine dorpje Gruri is de kerk open en daar pauzeren we even en eten we een broodje camembert. Verder is hier niks te beleven en bestaan ook hier de barretjes, supermarkt en bakker niet meer. Jammer. We lopen door. Het dorpje uit, langs een klein meertje en weer op boerenweggetjes langs de weilanden. De zon schijnt volop en dat is even wennen. Lekker zweten bij de klimmetjes. Net voordat we een bos ingaan pauzeren we nog even in de schaduw op het gras. Daarna klimmen we het bos in. We volgen ondertussen weer een GR route en deze leidt ons over prima paden door het bos. Als we het bos uitlopen, komen de weilanden en boerderijen weer in beeld.
Bij een huisje staat een vrouw in de tuin te werken. Ik zwaai naar haar en we vragen of ze water voor ons heeft. Ze laat ons in haar tuin en geeft ons water en 2 sinaasappels. Zo lief! Ze heet Nadine en woont hier samen met haar man Gerard. Als ze vraagt waar we gaan slapen, vertellen we haar dat we van plan zijn om naast de kerk in het dorp te gaan slapen. Ze kijkt ons even raar aan en zegt dat we dan ook gewoon hier kunnen slapen. Dan staat ze op en wenkt ons mee naar achteren. Daar staat een tuinhuisje en we mogen daar in slapen. Er liggen zelfs 2 matrassen. Wauw! Wat fijn dat dit zo op ons pad komt. Dit hadden we niet verwacht en voelt echt als een cadeautje.
Dag 8: Mont – Saligny-sur-Roudon (26km)
We pakken onze spullen in en drinken buiten nog een kopje koffie onder het genot van een droge baguette met camembert. Daarna gaan we op pad. We laten Mont achter ons en lopen langs koeien en graan over een boerenweggetje terwijl de zon steeds hoger de lucht ingaat. Op een gegeven moment lopen we weer op de GR route en gaan we een stuk door het bos. Het pad eindigt steeds smaller terwijl het gras steeds hoger wordt. Met natte schoenen en sokken komen we uiteindelijk weer op een verharde weg naast een boerderij uit. Vanaf hier lopen we richting het dorpje Saint-Abin-sur-Loine. Hier pakken we het fietspad dat ons naar Diou brengt.
Als we in het dorpje Diou aankomen, kopen we wat eten in de supermarkt. Na een lange pauze lopen we verder naar onze eindbestemming. Een caravan in de middle of nowhere. Het is een lange wat saaie weg, maar het tempo zit er lekker in. Als we bijna bij het huis van Phil en Catherine zijn, begint het al te miezeren. Catherine geeft ons een rondleiding in de caravan die bij hun in de tuin staat. Er is ook een grote voortent waar we lekker kunnen zitten. We zijn mooi op tijd en het begint te regenen. Dat voelt goed. Even later komt Catherine ons een fles wijn en courgette brengen en ook haar hond Ruby komt ons even gedag zeggen. Wat een heerlijk plekje hier!
Dag 9: Saligny-sur-Roudon – Bert (22km)
Ik heb heerlijk geslapen in de knusse caravan en kan hier nog wel dagen blijven. Na het ontbijt is het helaas alweer tijd om in te pakken en te vertrekken. We nemen afscheid van Catherine, Phill en hond Ruby en gaan weer op pad. We laten de officiële route even voor wat het is en lopen de kortste route naar Saint Léon. Dat is alsnog 11 kilometers lopen over rustige en heuvelachtige asfaltwegen langs weilanden met witte koeien en hier en daar een boerderij. Mooi op tijd komen we aan bij de kerk in Saint Léon. Op de trappen van de kerk nemen we een lange pauze. Daarna lopen we weer verder. We hebben 2 opties. Of we gaan terug naar de GR route en moeten nog 15 kilometer lopen, of we pakken de kortste route naar onze eindbestemming. Die is 11 kilometer. Het is behoorlijk warm en beide routes gaan niet door het bos. De keuze is snel gemaakt.
Na 11 kilometer zweten op eenzelfde soort weg als vanochtend komen we in het piepkleine dorpje Bert aan. Het ziet er leuk uit, maar is ook dit dorp is leeg helaas. Het enige restaurant en café bestaan allang niet meer zo lijkt het. Het zwembad naast de camping is leeg en vervallen. De camping zelf is gelukkig wel toegankelijk, maar ook hier is geen kip te bekennen. We zijn de enigen op de camping. Na een koude douche rusten we even uit en bellen we het nummer van de camping. Vandaag komt er niemand meer langs, of we morgen ook kunnen betalen. We vertrekken heel vroeg dus dat is ook niet handig. Dan maar het geld in de brievenbus bij de entree gooien. We zetten onze tent op en koken daarna de eieren voor het avondeten. ’s Avonds kruip ik mooi op tijd mijn tent in.
Dag 10: Bert – Arfeuilles (26km)
Vroeg in de ochtend gaan we weer op pad. We lopen in een stuk door naar het dorpje Droiturier. Het is bewolkt en benauwd en de route gaat voornamelijk weer over plattelandswegen langs weilanden met koeien en een paar boerderijen. We volgen inmiddels de GR3 die ons over eenzame wegen leidt. In Drouturier is de kerk open en gaan we binnen zitten. We hebben inmiddels 15 kilometer gelopen en flinke trek. De halve baguette, een Snickers en wat pinda’s gaan er met gemak in. Na een uitgebreide pauze lopen we weer verder. Omdat het drukkend warm en mega bewolkt is met af en toe een regendruppel, kiezen we voor de kortste weg naar het volgende dorpje en laten we de GR3 even letterlijk links liggen. We gaan voor de kortere route rechtsom. In het volgende dorpje Châtelus pauzeren we even bij de enige bar voordat we weer verder lopen voor de laatste kilometers. Uiteindelijk komen we aan bij de pelgrimsherberg op onze eindbestemming Arfeuilles. We hebben weer een heel huis met alles erop en eraan voor onszelf. We gaan douchen en drinken daarna even een kopje thee. De enige kruidenier in het dorp is weer open en dus halen we boodschappen voor de komende dagen. ’s Avonds eten we weer pasta met tonijn en daarna duiken we ons bed in.
Dag 11: Arfeuilles – Lavoine (31km)
We pakken onze spullen in, eten kwark met bananen en suiker en gaan weer op pad. Het is super mistig en we zien dus niks van de omgeving. We volgen de GR3 over landbouwweggetjes en door het bos totdat we na ongeveer 10 kilometer lopen in het piepkleine dorpje Charguéraud aankomen. Hier lopen we langs een klein hokje voor pelgrims waar zelfs een wc is. We pauzeren even op het bankje en eten een van onze broodjes. Daarna lopen we weer verder. Het begint langzaam wat minder mistig te worden, maar het is nog steeds erg bewolkt. Gelukkig regent het niet. Een paar kilometer later komen we aan in het super schattige dorpje Saint-Clément. Hier staan overal leuke poppetje gemaakt van hout. Op de hoek is zelfs een café open. We ploffen neer op het terras en bestellen een koffie. Wat fijn om weer even onder de mensen te zijn en op een echt terras te zitten tussen de locals. Ik word helemaal blij van dit dorpje met overal creatieve uitspattingen. We volgen kilometers lang de GR3 door het bos naar Lavoine. Het eerste stuk is pittig klimmen en daarna gaat het pad op en af. We zijn al op een hoogte van 700 meter inmiddels en lopen zelfs langs een aantal windmolens die hier geplaatst zijn. De laatste kilometers in het bos dalen we weer en we lopen nog een stuk door het gras wat zorgt voor natte schoenen, sokken en voeten. Uiteindelijk komen we uitgeput aan in het dorpje Lavoine. Maar we zijn er nog niet want we moeten nog een stukje gestaag klimmen naar de berghut die we voor vannacht hebben geboekt. Deze hebben we weer helemaal voor onszelf. Er zijn meerdere slaapkamers met stapelbedden, een keuken met lange eettafel, wc’s en warme douches. Het is wel een beetje vergane glorie allemaal. Vieze douchegordijnen, gaten in muren en vloeren, een raam dat niet dicht kan. Maar ach, we zijn blij dat we binnen kunnen slapen want buiten regent het inmiddels. Na een warme douche warmen we de macaroni van gisteren op. Daarna gaan we horizontaal.
Dag 12: Lavoine – Chabreloche (15km)
Na het ontbijt volgen we de GR3 het bos in en moeten we meteen al flink klimmen. We zien zelfs nog een beetje ijs liggen. Gelukkig wordt het pad daarna wat gelijkmatiger. Na een tijdje gaat het pad weer naar beneden. We lopen over grote stenen en rotsen langs het smeltwater. We besluiten om de GR3 niet meer te volgen, maar een ander pad dat ons wat sneller het bos uit leidt. Ook dit pad gaat weer steil naar beneden over grote stenen. Ik ben blij als ik het eerste huisje zie van het eerste piepkleine dorpje waar we doorheen gaan. We kunnen de laatste kilometers over asfaltweg naar beneden lopen. Dat loopt toch wat fijner. We passeren de dorpjes Les Cros, La Pauze en Le Gas totdat we op onze eindbestemming Chabreloche aankomen. De gekleurde vlaggetjes die hier hangen, maken me blij. Bij het enige restaurant dat open is, en vol zit met Fransen aan de lunch, vragen we om een kaasplank en rode wijn. We krijgen de grootste en lekkerste kaasplank ooit. In combinatie met de wijn en het brood smaakt het voortreffelijk. Als we uitgegeten zijn, lopen we naar het stadhuis om de sleutel op te halen voor onze slaapplek. Na een korte uitleg lopen we richting de kerk naar een huisje beneden. We slapen in een soort kelder waar 2 bedden staan. Er is geen douche en geen keuken, maar wel een wc en kachels. En het is gratis dus we zijn helemaal blij.
We droppen onze spullen en lopen naar de supermarkt om boodschappen te doen. Hier staan we voor een dichte deur. Op een briefje op de deur staat dat ze pas over 2 dagen weer opengaan. Er is alleen een tabakszaak open en dus kijken we daar maar even. Er liggen nog 3 Snickers en wat Lions en Kitkat’s in het schap. Die nemen we sowieso maar mee. De man van de tabakszaak vertelt ons dat hij morgenochtend broodjes en baguettes heeft. Perfect! Dan nemen we wel 6 baguettes mee voor onderweg. We boeken ook een berghut die op de route ligt waar we avondeten en ontbijt kunnen reserveren. Op het terras van de tabakszaak genieten we van een koud biertje tussen de locals die de grootste lol hebben. Aan het eind van de middag keren we terug naar onze grot. We eten onze Lion en gaan in bed liggen. Ik ben kapot en ga vroeg slapen.
Dag 13: Chabreloche – La Chamba (25km)
We worden rustig wakker en pakken onze spullen in. Daarna lopen we naar de tabakszaak die om 7 uur open gaat. Als we hier aankomen is het al druk met mensen binnen. De baguettes vliegen over de toonbank. Die Fransen zijn er vroeg bij. We kopen onze baguettes voor onderweg en vertrekken. We lopen het dorp uit, door een tunnel en mogen dan meteen weer het bos in klimmen. We lopen de eerste kilometers door het bos en daarna weer over landweggetjes langs de weilanden. In het dorpje Fortie pauzeren we even op een bankje.
Al snel passeren we weer een klein dorpje en daarna klimmen we weer het bos in. We klimmen en dalen een heel lang stuk door het bos. Er lijkt echt geen eind aan te komen. Het begint ook nog eens te regenen. Na nog eens een fikse klim begint het echt te stortregenen. We zien het nonnenklooster van Notre-Dame de l’Hermitage al liggen en rennen er bijna heen. Er is een deur open en we gaan naar binnen. Zeiknat en rillerig staan we in de hal. We doen onze jas uit en trekken ons fleece vest aan. Een van de nonnen begroet ons hartelijk en we mogen in een kamertje met stoelen en tafels zitten en opdrogen. We eten stokbrood en een Lion en zijn blij dat we even binnen kunnen schuilen en opwarmen. Het regent nog steeds keihard buiten. Na een uur staan we op het punt om te vertrekken, maar komt net de pater binnen. Hij zegent ons en wenst ons het beste. Als we bij de deur klaar staan om weg te gaan zwaait een lieve non ons gedag en wenst ons een goede reis. Ze vraagt of we koffie willen. Dan kunnen we naast het winkeltje terecht. Fijn! We lopen erheen en drinken nog een koffie met melk om nog wat extra op te warmen. We trekken onze regenbroeken aan en zijn er helemaal klaar voor.
En opeens stopt het met regenen. We hobbelen over de stenen door het bos. Het is voornamelijk dalen dus dat is wel fijn. En plassen ontwijken. We komen uit op de verharde weg die we volgen richting La Chamba. De laatste kilometers dalen we weer over een stenen pad met naast ons heel veel gele bloemen. Erg mooi om te zien. Als we uiteindelijk in het piepkleine dorpje La Chamba aankomen, lopen we naar het gemeentehuis. We worden naar de herberg om de hoek gebracht. Deze hebben we weer helemaal voor onszelf. Helaas is er geen koffie en doen de kachels het niet. Eerst maar een warme douche dan. De zomer lijkt nog ver weg, zelfs in Frankrijk.
Dag 14: La Chamba – Col de Supreyres (25km)
Na het ontbijt volgen we weer de GR3 en al snel zijn we weer in het bos. We klimmen gestaag naar Col de la Loge. Behalve een lege groepsaccommodatie is hier niks te beleven en dus lopen we verder. We klimmen langzaam verder en komen steeds hoger. In de verte zien we kleine dorpjes in de valleien liggen. Het is prachtig hier. We komen aan bij Col de Béal waar een restaurant is. Tijd voor koffie en om even op te warmen. Daarna gaan we weer op pad. Het is nog een stukje klimmen tot het hoogste punt op 1600 meter. We genieten van de uitzichten. Op het hoogste punt is een verlaten kabelbaan en een militair oefenterrein. We lopen erlangs en gaan dan weer langzaam naar beneden. We lopen kilometers lang over een breed pad door een natuurgebied. Het is erg bewolkt, maar we kunnen alsnog ver vooruit kijken. Uiteindelijk komen we aan bij Col des Supeyres waar onze berghut ligt. We slapen in een slaapzaal voor onszelf boven de bar. Het avondeten wordt geregeld en we kunnen drankjes bestellen bij de bar. Naast de slaapzaal is een gemeenschappelijke ruimte met relaxte stoelen. We bestellen een speciaalbiertje bij de bar en genieten ultiem van deze plek. ’s Avonds wordt het avondeten geserveerd en dat smaakt echt super goed. Wat een topplek is dit!
Dag 15: Col de Supreyres – La-Chapelle-en-Lafaye (26km)
’s Ochtends vroeg zitten we aan het ontbijt dat al voor ons klaargezet is in de koelkast. Daarna gaan we we weer op pad. Het eerste stuk lopen we over de weg naar het dorpje Saint-Anthème. We zien de GR bordjes nergens meer, maar we hoeven alleen maar de autoweg te volgen. Kilometers lang. Gelukkig rijden er amper auto’s en zijn de uitzichten fenomenaal. En de zon schijnt volop. Heerlijk!
Na 13 kilometer lopen komen we aan in Saint-Anthème waar we boodschappen halen in de mini supermarkt. Daarna lopen we naar een café aan de overkant. Na een grote kop koffie gaan we weer verder. We moeten weer een heel stuk over de weg lopen. Omdat het warmer is geworden is dit stuk wat zwaarder dan vanochtend. In het kleine dorpje Ferréol is een klein kerkje open waar we even binnen kijken en uitrusten. Daarna pakken we de GR3 route weer op en lopen we de laatste kilometers een mooie route door het bos. We komen hier opeens ook weer de blauw-gele schelp bordjes tegen. Uiteindelijk komen we aan op onze eindbestemming La-Chapelle-en-Lafaye. Een schattig dorpje met een kerkje dat lijkt ingericht te zijn voor pelgrims. De herberg waar we slapen vanavond ligt naast de kerk en de deur is open. We gaan naar binnen en settelen alvast. Er komen nog een aantal andere pelgrims binnenlopen en de kamer is op een gegeven moment zelfs vol. Dat is even wennen voor ons, maar wel gezellig! We gaan op tijd slapen want morgen willen we weer vroeg op pad.
Dag 16: La-Chapelle-en-Lafaye – Valprivas (25km)
Ik pak m’n tas in en Linda bakt de resterende baguette en de eieren. Met een kom koffie genieten we van dit uitgebreide ontbijtje. Daarna nemen we afscheid van iedereen en gaan op pad. Al snel komen we in het dorpje Montarcher terecht waar we langs een mooi kerkje lopen met een prachtig uitzicht op de valleien beneden. Het kerkje is open en dus kijken we even binnen. Daarna lopen we weer verder. De route gaat afwisselend over asfalt, door het bos en door hoog gras. Als we in het dorpje Estivareilles aankomen, nemen we een kijkje in het kerkje dat hier ook open is. Bij de lokale bakker kiezen we een taartje om te vieren dat we al 75 dagen op pad zijn. We kunnen ook koffie bestellen en mogen buiten zitten. De mevrouw van de bakker zet 2 stoelen en een tafel voor ons buiten. Top!
Met 3 baguettes in onze tassen lopen we even later weer verder. Behalve de bekende wit-rode GR route vlaggetjes zien we ook om de zoveel tijd een schelp en gele bordjes die aangeven hoeveel kilometer we nog moeten lopen naar het volgende dorp. De GR route is wel geneigd om ons steeds op een omweg te sturen waar we niet altijd zin in hebben. Hier en daar maken we een kleine shortcut. We lopen door het dorpje Apinac en daarna brengt het pad ons weer het bos in. Het is wederom klimmen en dalen. Ik merk dat mijn lichaam echt op is. We besluiten om tot Valprivas te gaan lopen en daar in de herberg te slapen in de hoop op een goede nachtrust.
Dag 17: Valprivas – Vorey-sur-Arzon (33km)
Na het ontbijt gaan we weer op pad. Het is nog heel vroeg in de ochtend, maar we hebben een lange dag voor de boeg. We lopen het dorp uit en dalen steeds verder het bos in. De zon schijnt en er liggen kleine mistwolkjes hier en daar in de bergen. Als we in het bos het water zijn overgestoken, mogen we weer een stuk naar boven klimmen. Voorbij het dorpje Châles dalen we weer af naar het bos. We volgen de GR3 een recht stuk langs het water totdat we bij een brug komen. Daarna is het weer een pittige klim naar het dorpje Sarlanges. Er is een klein huisje naast de kerk en drinkwater voor pelgrims. We rusten even uit op het bankje en nemen een kijkje in het kerkje.
Daarna gaan we weer verder. We komen door een paar kleine dorpjes en dalen langzaam af naar Retournac. Bij de supermarkt halen we blikjes drinken en broodjes. Na een goede pauze lopen we weer verder. We blijven de GR route volgen die ons door Retournac stuurt, een schattig dorpje met gekleurde vlaggetjes en veel barretjes. We gaan dit keer de verleiding uit de weg en laten het dorp weer achter ons. We mogen eerst weer een stuk klimmen en al snel lopen we weer door het bos gevolgd door een stukje hoog gras en daarna weer door het bos. Als we op een gegeven moment weer in de bewoonde wereld terecht komen gaat de route over een brug naar de andere kant van het water. Omdat we op dit moment best wel kapot zijn, besluiten we vanaf hier de kortste route te pakken naar onze eindbestemming. Dat betekent dat we gedeeltelijk langs het water en gedeeltelijk over de autoweg lopen. We passeren nog een schattig kerkje voordat we op het stuk over de autoweg aankomen. Gelukkig is er voldoende ruimte om in de berm te lopen.
Bij een picknickbankje aan de weg eten we onze broodjes op en nog een paar handjes pinda’s. Daarna persen we de laatste kilometers eruit. Ondanks dat we op dit moment niet de route volgen is de omgeving hier echt prachtig. Uitgeput komen we uiteindelijk aan in Vorey-sur-Arzon en al snel hebben we het vakantiepark en huisje 22 gevonden waar Vera, Sandra, Noah en Evi ons al opwachten. Wat heerlijk om samen een aantal rustdagen in het vooruitzicht te hebben. We worden begroet met een knuffel, koud biertje en kaasplank. En niet veel later staat het avondeten op tafel.
Dag 18: Vorey-sur-Arzon – Le-Puy-en-Velay (26km)
Na een paar rustdagen in Vorey is het tijd om weer verder te lopen. We nemen afscheid van Vera, Sandra, Noah en Evi met en dikke knuffel en gaan weer op pad. Het voelt gek en goed om weer te lopen. Al snel hebben we het dorp achter ons gelaten en lopen we weer over grintpaadjes langs weilanden met koeien. De lucht is strakblauw en het wordt langzaam warmer. We snijden meteen al een stuk af waardoor we een dorpje skippen, maar komen daarna in het dorpje Saint-Vincent terecht waar we eigenlijk niet meer op de route zitten. Toch zien we hier wel ook tekenen van de camino zoals schelpjes en een informatiebord. Dat is vreemd. De kerk is dicht en na een bezoekje aan de openbare wc lopen we maar weer verder. Terug naar de route. Na het kleine dorpje Lavoûte-sur-Loire pauzeren we even op een bankje in de schaduw. Daarna staat ons een pittige klim te wachten. Het is inmiddels ook al echt warm. Gelukkig gaat een gedeelte van de klim door het bos, maar ook door hoog gras en langs brandnetels. We zweten als een otter, maar het uitzicht bijna bovenaan, maakt alles goed. De bruggen, de kronkelrivier, de kleine dorpjes en de heuvels op de achtergrond, wat een plaatje!
Eenmaal bovenaan komen we weer door een klein dorpje met een paar boerderijen en al snel daarna komen we in het dorpje Chanceaux. Na een paar kilometer over een rechte weg, doemt er een fort op in de verte met een dorpje ertegenaan geplakt. We klimmen naar dit dorpje en duiken oververhit de kerk in. Even zitten. Na een korte pauze op het terras met een koud drankje lopen we weer verder. Het is ontzettend warm en dat maakt de laatste kilometers echt zwaar. Er is nergens schaduw en we mogen weer klimmen. Uiteindelijk zien we Le-Puy-en-Velay liggen en maakt mijn hart een sprongetje. Wauw, wat een prachtige stad! De groene heuvel met het Maria beeld en de rots met de Rocher Saint-Michel d’Aiguilhe kapel domineren de skyline. We moeten nog een paar kilometer dalen en het laatste stukje klimmen totdat we oververhit en uitgeput via een zij-ingang de kathedraal in strompelen. Ik vergaap me aan het prachtige interieur van de kathedraal en staar naar alle toeristen en pelgrims die hier rondlopen. Via de trap aan de voorkant lopen we de kathedraal weer uit op zoek naar onze accommodatie.
Eenmaal aangekomen in de studio word ik helemaal blij. Wat een fijne plek. Er is koffie, het is schoon en veel ruimer dan ik dacht. Ik neem een koude douche en ga even op bed liggen. ’s Avonds spreken we af met Floor in het centrum om samen te eten. We hebben zoveel bij te praten over de afgelopen weken en de route. Op een terrasje ploffen we neer voor een biertje. Daarna lopen we naar de overdekte foodmarkt voor wat eten. We bestellen allemaal een burger met friet en delen een fles prosecco. Tot laat in de avond zitten we gezellig buiten te eten en drinken. Floor gaat morgen alweer verder lopen en wij blijven nog een dag in Le Puy.
Van Friesland naar Santiago de Compostella
Samen met vriendin Linda loop ik van Friesland naar Santiago de Compostella. Ben je benieuwd hoe ik deze lange pelgrimstocht heb ervaren? In onderstaande reisblogs neem ik je op volgorde mee langs de verschillende routes die we hebben gelopen.
