Een nieuw avontuur: Evi
SANDRA WINK
‘Geniet er nog maar van, voordat je het weet zijn ze groot’. Tsja, de clichés zijn waar: zodra je ouders wordt gaat alles in sneltreinvaart. Wat vliegt de tijd. Ik kan me al niet eens meer voorstellen hoe het was zonder Evi. Ongelooflijk dat je zóveel liefde voor iemand kan voelen. Zodra ik haar zie voel ik het door mijn hele lijf. Zoveel liefde, zorgen, twijfels en haar koste wat het kost willen beschermen. Wat heeft de natuur dit fantastisch gedaan, hoeveel je kunt vertrouwen op je moeder instinct. Evi is inmiddels 3,5 maand, en het is tot nu toe al een onvergetelijk avontuur.
Terug naar 10 februari 2024. Op deze dag ben ik uitgerekend. Het is 10 februari en ik had stiekem al verwacht dat de baby er zou zijn. De buik is enorm en zit mij in de weg. Nu is het niet leuk meer, dat zwanger zijn. Mijn geduld wordt op de proef gesteld. Elke dag pruts ik maar wat om in het huis, poets ik nog eens extra en loop ik nog een extra rondje door het dorp.
Nog even geduld..
41 weken zwanger. Nog steeds geen baby. De verloskundige begint over inleiden en een afspraak maken in het ziekenhuis. Ik voel de druk van buitenaf, en zit er mentaal een beetje doorheen. Probeer te ontspannen maar voel alleen maar stress. Waarom komt ze nog niet? Ik verlies het vertrouwen in mijzelf en in mijn lichaam. Ik wil zo graag dat de bevalling spontaan op gang komt, zo natuurlijk mogelijk. Tegelijkertijd ben ik helemaal klaar met dat wachten. Ik besluit nog maar een rondje te wandelen, bitter lemon te drinken en een ananas te eten (moeders die ook +40 weken hebben gewacht op hun kindje begrijpen waarom 😉).
Bijna 42 weken zwanger. Richard en ik rijden terug van het ziekenhuis waar ze het vruchtwater en de baby hebben gecheckt. Ze doet het super in de buik, en lijkt geen haast te hebben om eruit te komen. Snap ik ook wel, het is koud en donker deze maand en in de buik ligt ze in een heerlijk verwarmd bad van 37 graden. Het voelt alleen voor mij sinds gisteravond niet zo lekker daar. Oftewel, ik heb last van ‘rommelen’. In het ziekenhuis zat ik op 2 centimeter ontsluiting, maar ik overtuig mezelf dat het nog dagen kan duren voordat het echt doorzet. Zodra we thuis zijn loop ik daarom op mijn gemak naar de Hema in het dorp. In het steegje moet ik even stoppen om bij te komen van een kramp in mijn buik. Ik probeer er niet aan te denken en zoek afleiding. Ondanks dat ik niet kan wachten tot de bevalling begint moet ik er ook niet aan denken aan wat voor helse pijn mij staat te wachten.
De reis tot de geboorte
Een paar uren later kan ik al niet meer zitten op de bank en probeer ik al bouncend op de fitnessbal wat avondeten naar binnen te werken. Af en toe komen er vervelende krampen, maar praten en helder nadenken gaat nu nog prima. Ik verwacht nog wel een nachtje te kunnen slapen. Daar denkt mijn lijf anders over. Liggen is een no-go en ik sluit me af op mijn kantoortje terwijl ik Richard rustig laat slapen. Kaarsjes aan, een filmpje opzetten en over die bal hangen, die ik inmiddels niet meer los kan laten. Ik weet dus nog steeds niet of het echt is begonnen, want ik weet niet hoe een wee aanvoelt. Ik plak wat onhandig stickers van het TENS apparaat (aanrader!) op mijn rug wat daarna mijn complete focus wordt. Om de 5 á 10 minuten word ik overvallen door een heftige kramp en is het apparaatje wat elektrische schokjes geeft op mijn rug mijn beste vriend. Zo houd ik het nog een paar uurtjes vol, tot ik wel erg moe en inmiddels ook bang begin te worden. Even later maak ik Richard huilend wakker en bel ik de verloskundige of ze langs kan komen. Om 2 uur ’s nachts checkt ze mijn ontsluiting en zit ik op 4 centimeter. De volgende fase van de bevalling begint pas bij 10 centimeter ontsluiting. En hoelang dat nog gaat duren is de vraag…
De moed zakt me in de schoenen. Ik raak in paniek en ik kan niet stoppen met trillen. Hoewel in mijn met zorg gemaakte bevallingsplan staat dat ik graag thuis wil bevallen, moet ik er op dit moment niet aan denken. De ruggenprik klinkt nu als mijn redding dus we racen zo snel mogelijk naar het ziekenhuis. Nog geen 15 minuten later lig ik aan allemaal draden en checken ze nogmaals mijn ontsluiting. 8 centimeter! Een ruggenprik kan al niet eens meer, maar ik kan wel kiezen voor een morfine pompje of een bevalbad. Bij het idee van een bad word ik helemaal blij. Met nieuwe energie en een bak motivatie kan ik de weeën weer prima aan en ga ik er helemaal in op. Richard neemt zijn taak als badmeester heel serieus en zet binnen no-time het bad op samen met de verloskundige. Zodra ik het bad instap weet ik: dit is fantastisch. Ik voel me weer helemaal in controle over mijn lijf. Die laatste 2 cm is zo klaar, denk ik nog. Helaas… 6 uren later ben ik nog steeds heel hard aan het werk. Ondertussen is er veel gebeurd en heeft het ziekenhuis veel pogingen gedaan om de bevalling sneller te laten verlopen. Uiteindelijk wordt ze dan eindelijk, met een beetje medische hulp, geboren. Ik heb mijn ogen dicht totdat mijn moeder roept: ‘Doe je ogen open, daar is ze!’. Een onbeschrijflijk gevoel volgt, ik kan het niet in woorden uitdrukken. Richard en ik zijn sprakeloos. Wat een perfect mensje. Op 23 februari om 11.15 is onze lieve dochter Evi op de wereld gekomen.
Leven op adrenaline
Ik heb 2 nachten niet geslapen en voel me overreden door een vrachtwagen. We zijn hyper en kapot. Het moment dat Richard mij in de rolstoel uit het ziekenhuis rijdt vergeet ik nooit meer. Alsof ik in een filmscene ben beland. Met de maxi cosi op schoot worden we regelmatig door voorbijgangers gefeliciteerd of glimlachend aangekeken. Ik kan me op dit moment niet trotser voelen. Eenmaal thuis is het wachten op de kraamzorg en zit ik op de bank met de maxi cosi naast me. En nu dan? Denk ik. Ik durf niks te doen totdat de kraamzorg er is. Een reddende engel, waar we zoveel aan hebben gehad. Het is dan ook even wennen als 8 dagen kraamzorg erop zitten en we het vanaf nu ‘zelf’ moeten doen.
En dan bestaat je leven opeens uit een mini mensje voeden, verschonen, knuffelen en in slaap proberen te krijgen. Borstvoeding, kolven, kleur poep en waar-is-de-andere-sok zijn nu gespreksonderwerpen van de dag. Zeker de eerste weken leef je op adrenaline. Kraamvisite, beschuit met muisjes en elke 3 uur weer hetzelfde ritueel: voeden, verschonen, knuffelen en slapen. De nachten en dagen zijn inelkaar geweven. Ik ben verbaasd over hoe goed ik nog functioneer, ondanks de gebroken nachten. De hormonen zorgen daar gelukkig ook voor. Het gaat ook fantastisch met Evi vanaf het begin. De borstvoeding gaat top en ze groeit goed.
Loslaten
Van een relatie met z’n tweeën ga je naar een gezin. Ben je opeens ook moeder en vader. Ook hierin moet je een nieuwe balans vinden, al gaat veel wel heel natuurlijk. Dat Richard 2 maanden vrij heeft helpt ook heel erg zodat we echt met z’n drietjes deze start kunnen maken.
Op een gegeven moment denk je een ritme gevonden te hebben. Heerlijk, dit geeft wat houvast. Maar dan besluit Evi de boel weer om te gooien. Wilt ze opeens elk uur drinken. Of kan ze ’s avonds moeilijker in slaap komen. En hoppa, op zoek naar een nieuwe structuur. Loslaten is hierin mijn mantra. Maar ook echt in de flow van de baby leven is iets wat ik heb moeten leren. Je kan het simpelweg niet allemaal meer zelf bepalen. Zodra ze wakker is, ben ik als moeder alert. Mijn hoofd draait overuren. Wat heeft ze nodig? Heeft ze honger, een poepluier, is ze koud, warm, blij, boos, verdrietig? Dat gaat door totdat ze weer heerlijk ligt te slapen. Dan smelt mijn hart als ik naar haar kijk, en wil ik stiekem alweer dat ze wakker wordt. Tijdens haar slaapjes wil je ook zelf je rustmoment pakken, maar meestal voel ik vooral keuzestress. Wat kan ik allemaal doen in deze zeldzame tijd? Ga ik die bult was wegwerken, opruimen, stofzuigen of iets voor mezelf doen? Niemand vertelt je hoeveel tijd je hebt. Hoelang ze gaat slapen deze keer. Je weet nooit waar je aan toe bent. Dus als Evi besluit na 5 minuten het op een krijsen te zetten terwijl ik net de stofzuiger heb aangezet, is het aan mij om alles letterlijk en figuurlijk los te laten. Voorheen kon ik bergen verzetten en waren to-do lijstjes mijn favo bezigheid om als en razende af te vinken. Nu probeer ik elke dag zonder verwachtingen te leven, en ben ik al trots als ik een wasje heb kunnen draaien (ophangen en opvouwen komt later wel weer 😉).
Doorslapen op reis
Vanaf dat Evi een maand oud is gebeurt af en toe het ondenkbare: ze slaapt ’s nachts door. Eerst 6 uren, maar af en toe 7 en soms zelfs 8 uren achterelkaar. Meestal gebeurt dit als we een nachtje weg zijn. In de B&B in Deventer, op de geitenboerderij in Pieterburen en in Dinant in België slaapt Evi als een roosje. Een geboren WanderWinkje? Hoe dan ook, dat reizen doet Evi (en ons) goed! Die eerste nacht dat ze doorslaapt voel ik me dan ook zó energiek, dat ik wel 10 marathons kan rennen. Wat is slaap toch essentieel om vrolijk en energiek de dag door te komen.
Nu mijn verlof er bijna op zit, pakken we nog een paar reisjes mee. Volgende week reizen Evi en ik met vriendin Vera en haar zoontje Noah richting Frankrijk, om de pelgrims (Minke en Linda) weer op te zoeken. Daarna heeft Richard ook vakantie, en hopen we op mooi weer in Nederland zodat we met de boot weg kunnen. Voor het najaar zijn de tickets voor Portugal alvast geboekt, de hele familie Wink is dan in Lagos om (deels) te overwinteren. Reizen wordt Evi met de paplepel ingegoten!Â
Ik Vertrek aflevering
Met de extra uren slaap cadeau ontstaat er ook meer ruimte voor andere dingen. Richard is al een tijdje bezig met de verbouwing van de Bed & Breakfast. Ik voel langzamerhand steeds meer behoefte om ook hiermee verder te gaan. Vol motivatie pak ik tussen de voedingen door de website op en ga ik met de kinderwagen en drone door het dorp om mooie shots te maken. Richard en ik zitten bomvol ideeën en pakken elk vrij moment om ermee bezig te gaan. We overleggen alles en zijn het over de meeste dingen eens. De taakverdeling is ook perfect, we doen ieder waar we goed in zijn: Richard neemt alle klusjes op zich en ik houd me bezig met de website en de marketing.
Ergens in juni willen we open gaan, maar een concrete datum hebben we nog niet. Totdat er een aanvraag via de website binnenkomt. 8 juni komen de eerste gasten. Voor ons een mooie streefdatum om alles af te hebben. Nog genoeg tijd, denken we. In de praktijk loopt het natuurlijk anders. Zo zijn we niet tevreden over de bedden en besluiten we voor iets anders te gaan, retourneren we regelmatig bestellingen en zijn er tegenslagen bij het klussen. Een paar dagen voordat we open gaan staat alles nog op z’n kop. Er is geen wc, de B&B is een chaos en we hebben nog geen idee wat we als ontbijt gaan serveren. Als we het zoveelste dingetje bespreken terwijl er ondertussen een onrustige Evi aan mijn arm hangt voelt het alsof we in een Ik Vertrek aflevering zijn beland.
Zaterdag is het zover, dan ontvangen we de eerste gasten. Ondanks de spanning hebben we er onwijs veel zin in. Deze B&B heeft ons veel meer gekost dan we hadden voorzien (classic 😉), maar we vinden het zo’n leuk project en kunnen niet wachten om mensen ons Gouden Plekje te laten zien. Ben je ook benieuwd naar de B&B? Neem dan een kijkje op onze website of neem contact met ons op.
