‘Highlights van Nicaragua’

ESTHER WINK

Na de extreem chaotische grens tussen Costa Rica en Nicaragua te hebben overgestoken, werd ik gedropt in de middle of nowhere in het zuiden van Nicaragua. Gelukkig stuurde iemand me na een tijdje wachten naar de goede weg waar ik een overvolle chicken bus naar San Juan del Sur kon pakken. Er werd me verteld dat deze hele reis zo’n 12 uur zou duren, maar ik deed er slechts 7 uur over! Wel heb ik het geluk gehad gelijk een directe (en duurdere) bus naar Nicaragua gevonden te hebben in plaats van drie lokale bussen.

San Juan del Sur
Het hostel waar ik zat in San Juan del Sur heet Hola Ola Hostel en is één van de beste hostels waar ik ooit heb gezeten. Het eten was ge-wel-dig, de mensen top en het hostel leek op een Griekse villa en had meerdere zwembaden. De eerste dag heb ik gerelaxt bij het zwembad en ben ik vroeg m’n bedje ingekropen. Met alle mensen uit onze dorm zijn we de volgende ochtend San Juan del Sur gaan ontdekken. Veel viel er overigens niet echt te ontdekken. Wel hebben we elke dag lekker en goedkoop geluncht in de mercado. Het strand bij San Juan del Sur was mooi maar het waaide keihard dus liggen op het zand was onmogelijk. Het enige wat je nog kunt doen in het stadje zelf is een wandeling maken naar het Christus standbeeld, waarvan ik heb gehoord dat het uitzicht vanaf daar heel mooi is.

Ons hostel bood dagelijks shuttles aan naar verschillende stranden, afhangend van waar je het beste kunt surfen. We gingen diezelfde dag met vrijwel het hele hostel in twee jeeps naar Playa Yankee, een prachtig langgerekt strand op een half uur rijden van San Juan del Sur. Daar hebben we gezwommen (de zee was ijskoud maar verfrissend met het warme weer), biertjes gedronken en de zonsondergang gekeken. ’s Avonds was het tijd om uit te gaan in San Juan del Sur! Gratis shuttles brengen je van het hostel naar het stadje. Eenmaal aangekomen in de eerste bar was ik lichtelijk in shock: alleen maar backpackers én Europese muziek, dit was echt even wat anders dan wat ik de afgelopen maanden heb meegemaakt. Wel heb ik een hele leuke avond gehad, maar vaker hoefde van mij echt niet! En dan te bedenken dat sommige mensen hier weken tot maanden zitten.. Naar mijn mening zijn er veel mooiere en betere bestemmingen in Nicaragua.

Isla Ometepe
Twee dagen later stapte ik in de chicken bus op weg naar de volgende en volgens de Lonely Planet de beste bestemming: Isla Ometepe! Vanaf het chaotische Rivas ben ik met een Hongaars meisje verder gereisd en pakten we het trage busje (één uur en vijf kilometer verder) naar San Jorge en een héle schommelige houten boot naar Isla Ometepe. Vrijwel alle boten gaan naar Moyogalpa, het grootste en meest toeristische dorpje van het eiland. Als je beperkte tijd hebt is het handig om hier te zitten want, zoals op vrijwel elk eiland, is er bijna geen openbaar vervoer over het eiland. Je hebt hier zeker eigen vervoer nodig om het beste van het beste te kunnen zien. De vraag is dan nog wat voor soort vervoer, en na lang twijfelen verkozen we toch de quad boven de scooter. Deze is bijna twee keer zo duur, maar je kunt hiermee veel makkelijker over de vele off-road wegen rijden. Bovendien had het Hongaarse meisje nog nooit gereden (wat hier op zich geen probleem is, je koopt de politie gewoon om) en leek me met z’n tweeën op een onstabiele scooter niet heel chill. Daar was ik helemaal zeker van toen de volgende ochtend een backpacker voor het hostel keihard op zijn bek ging met zijn scooter.

We reden eerst naar een soort reservaat met vlindertuin, stranden en een aantal korte hiking trails met uitzicht op één van de vulkanen. Het was inmiddels midden op de dag en veel te warm om te wandelen, dus reden we snel verder naar de volgende stop: lunch in Balguë, op het andere gedeelte van het eiland. Je merkt wel dat hoe verder je van Moyogalpa afgaat, des te relaxter de sfeer is. Het enige verkeer op de weg waar je nog rekening mee moet houden zijn dieren 😉 Langs Playa Santo Domingo, een mooi langgerekt strand vind je een aantal relaxte hostels en restaurantjes. Hier maakten we maar een korte stop omdat we echt snel door moesten. Het eiland is namelijk groter dan wat iedereen in eerste instantie denkt en het is onmogelijk alles in één dag te zien. We stopten nog een tijdje bij Ojo de Agua, een erg toeristische ‘natural pool’ maar heerlijk om even af te koelen en een tijdje te relaxen. Ik was na een hele dag rijden inmiddels gewend aan de quad dus konden we in een lekker snel tempo naar Punta Jesús Maria rijden, een strand in een bizarre vorm vanaf waar je beide vulkanen op een heldere dag goed kunt zien. Zeker een van de beste uitzichten van het eiland! We bekeken de zonsondergang onder het genot van een biertje en reden toen weer terug naar Moyogalpa.

De volgende dag was ik kapot en had ik overal spierpijn. Wat tien uren quad rijden wel niet met je kan doen :p Het was wel weer tijd voor een relaxdagje dus gingen we terug naar Punta Jesús Maria, dit keer als dagtripje. We wandelden er in een uurtje naartoe (een gedeelte van de weg gaat zelfs over de landingsbaan van de luchthaven) en hadden een ultiem chilldagje, met een geweldige zonsondergang als top einde van onze tijd op Isla Ometepe!

Granada
Van Granada wist ik al dat ik het er geweldig zou vinden voordat ik er was: mijn zus spendeerde er twee jaar geleden zeker een week. En ik volgde haar voorbeeld. Granada deed me gelijk denken aan Cartagena in Colombia, maar dan duizend keer beter: dezelfde mooie en kleurrijke kerkjes en straatjes, maar zeker minder toeristen, weinig irritante straatverkopers, een beter klimaat en veel kleiner (zo’n 9 keer minder inwoners). Mijn dagen bestonden vooral uit heel veel relaxen, en af en toe de stad even verkennen. Er is één groot centraal park waar je ook de kathedraal van Granada vindt. Je kunt in één van de torens omhoogklimmen vanwaar je een mooi uitzicht over het park en een deel van Granada hebt. Een nog mooier uitzicht heb je vanaf de toren van Iglesia de La Merced. Ik kon uren rondwandelen door de kleurrijke straatjes van deze prachtige stad!

Laguna de Apoyo
Het Hongaarse meisje was ook met me meegegaan naar Granada, en ik kwam ook weer twee mensen van het Hola Ola hostel tegen. Met hen ben ik een dagje naar Laguna de Apoyo gegaan, een enorm kratermeer op een half uurtje rijden van Granada. We werden gedropt bij een hostel beneden bij het meer en waren nogal teleurgesteld: het was super bewolkt en de stranden waren niet echt bijzonder. Met een Oostenrijkse jongen ben ik naar boven geklommen want ik moest en zou naar een uitzichtpunt om het hele kratermeer te zien :p Anderhalf uur later waren we er en het uitzicht was geweldig! We waren zo blij dat we die toch wel zware wandeling hadden gedaan. Het was inmiddels ook zonnig geworden. Met een tuktuk zijn we weer terug naar het hostel gegaan en hebben we de rest van de middag op het strandje gelegen, waarna we om 4 uur weer terug naar Granada werden gebracht.

Treehouse hostel
De dag ervoor besloten we spontaan naar het Treehouse hostel te gaan. Zodra we weer terug waren in Granada pakten we onze spullen om de shuttle naar dit hostel te pakken, een enorme boomhut die slechts op een half uurtje rijden van Granada, maar midden in de jungle ligt. Vanaf de plek waar de jeep ons dropte moesten we nog zo’n 15 minuutjes naar de boomhut klimmen. En wauw, wat een geweldige locatie! Het hostel had zelfs een enorme hangbrug die naar de plek waar mensen in hangmatten kunnen slapen, leidde. We namen avondeten bij het hostel en daarna begon het feest al, dat bijna elke dag tot in de vroege uurtjes doorgaat. Dit is wel echt een extreem partyhostel, dus langer dan één nacht zou ik er echt niet kunnen blijven.

León
León is, net zoals vele andere populaire bestemmingen in Nicaragua, heel makkelijk te bereiken. Je pakt eerst een bus naar Managua (de hoofdstad) waarna een heel snel busje je naar León brengt. Bereid je voor op extreme hitte in León: 37 graden is heel normaal in deze stad. De eerste dag heb ik het (uiteraard) weer heel rustig aan gedaan en ben ik nog heerlijk uit eten geweest bij een Cubaans restaurant, op aanraden van de vriendelijke Nederlandse hostel eigenaren. Het centrum van León kun je makkelijk in een ochtend bekijken. ’s Ochtends vroeg heb ik de prachtige witte kathedraal bezocht. Het voelde voor mij echt een beetje alsof ik in de hemel rondliep omdat het er zo rustig is en je op je blote voeten over het dak loopt.

Daarna ben ik nog bij het Museo de Leyendas y Tradiciones geweest, een bizar museum dat Nicaraguaanse legendes en tradities tentoonstelt, in een voormalige gevangenis waar politieke gevangenen tijdens de dictatuur in León werden vastgehouden. Om nog even in de historische sferen te blijven heb ik daarna een galerij bezocht die is opgericht door voormalige leden van de revolutionaire groepen en ter nagedachtenis is van iedereen die tijdens de revolutie heeft gestreden en daarbij is gedood. Na nog twee mooie kerkjes te hebben bezocht werd het veel te warm buiten en ben ik teruggegaan naar het hostel om daar de rest van de middag te chillen.

Las Peñitas
De perfecte manier om even te ontsnappen aan de hitte van de stad is een dagtripje (of zelfs voor meerdere dagen) naar Las Peñitas, een klein badplaatsje met schattige strandbarretjes en langgerekte stranden. Het waait hier veel minder hard dan in San Juan del Sur waardoor op het strand liggen wel degelijk mogelijk is. Ook is de zee hier veel warmer. Met een overvolle chicken bus deden we er 1,5 uur over om Las Peñitas, op maar 17 km afstand van León, te bereiken. Gelukkig vertrok ik al vroeg en had ik alsnog de hele dag om over het strand te wandelen en te chillen. Persoonlijk vond ik het strand niet bijzonder (dat heb je als je gewend bent aan de mooiste Caribische stranden :p), maar als ik meer tijd had was ik hier zeker langer gebleven (al was het puur om van de hitte in León te ontsnappen). Aan het eind van de dag pakte ik de nog vollere chicken bus (echt niemand wordt achtergelaten op straat, het past áltijd) terug naar León.

Algehele ervaring Nicaragua
Nicaragua na Costa Rica is echt een verademing: het is er zoveel goedkoper, waardoor ik, zoals ik in mijn vorige blog al had verteld, optimaal van een land kan genieten. Ik ben bijvoorbeeld dagelijks uit eten geweest, heb taxi’s kunnen nemen en alle tours waren niet belachelijk duur. Wat ik wel een enorm verschil vond met Costa Rica en Panama, is dat het ontzettend dor en droog is op dit moment in Nicaragua. Nu weet ik niet hoe het er in het regenseizoen uitziet, maar voor de groene jungle en wildlife moet je denk ik echt in Costa Rica en Panama zijn.

Maar wat een top tijd heb ik in Nicaragua gehad. Ik heb hier zulke leuke mensen ontmoet. En wat zijn de locals ontzettend vriendelijk! Colombia is nog steeds het beste land waar ik ooit ben geweest, maar Nicaragua komt aardig in de buurt. En in een stad als Granada zou ik zeker voor lange tijd kunnen blijven. Twee weken voor bovengenoemde highlights is op zich genoeg, maar de meeste mensen doen Nicaragua in drie of vier weken, wat denk ik nog beter is. Daarnaast heb je dan ook nog tijd om het binnenland en de prachtige Caribische kust te bezoeken. Nicaragua is dus zeker voor herhaling vatbaar!


MEER REISVERSLAGEN…