Bijbaantjes hoppen

TINEKE WINK

Ik heb in mijn leven heel wat bijbanen gehad. Zo veel dat het niet meer op twee handen te tellen is en ik er een boek mee zou kunnen vullen. Sommige baantjes duurden ook maar één of twee dagen, dus dat telt snel op. Soms gaf ik het dan niet eens een kans, of waren de omstandigheden er niet naar om te blijven. Maar er waren ook bijbanen die mij altijd bij zullen blijven en waar ik een goede herinneringen aan koester. 

Bollen pellen

Ik was 14 toen ik begon met werken. Ik begon bij een zeilschool in Balk, een klein dorpje in Friesland waar ik ben opgegroeid. Ik deed de afwas in de keuken, verschoonde bedden en maakte schoon. Ik kan me niet meer herinneren waarom ik daar ben gestopt, wellicht omdat het seizoenswerk was en het werk dus ophield. Het jaar erna ben ik met mijn zusje gaan bollen pellen bij een bedrijf in de Flevopolder. Zwaar eentonig werk, maar wat een lol hebben we gehad. Gezellig met z’n allen aan de lopende band liedjes meezingen en pellen maar!

Toen ik 17 was werkte ik bij een café-restaurant in een klein dorpje in een bosrijke omgeving. Hier heb ik het prima naar mijn zin gehad, al was ik totaal onervaren en ging er nog weleens wat mis. Dan liet ik weer een dienblad vallen en steeg het bloed naar mijn hoofd van schaamte. Mijn favoriete plek was bij het ontbijt. Dan zette ik in alle vroegte het ontbijt klaar voor de hotelgasten.

Thermostaten herprogrammeren

En toen had ik een tussenjaar. Niet een jaar waarin ik ging reizen, want daar dacht ik als 18-jarige destijds nog helemaal niet over na. Wel een jaar dat ik weer geld bij elkaar sprokkelde met verschillende baantjes, samen met een vriendin die ook een tussenjaar had. Zo hebben we via het uitzendbureau eenmalig gewerkt als thermostaatherprogrammeur. Eh, wat? Dat is een term die ik zelf maar even bedacht heb. We moesten namelijk in huisjes van Centerparcs alle thermostaten herprogrammeren. Nou ben ik absoluut niet technisch, maar die man van het uitzendbureau verzekerde me dat het niet zo ingewikkeld was. Hij had gelijk. Het leuke aan dit werk was dat we ook in één van deze huisjes mochten overnachten.

Niet veel later gingen we groentezaden inpakken bij groothandel Garant Zaden. Ook lopende band werk, maar als je het samen doet is het wel heel gezellig. Na twee maanden was dit werk ook op en moest ik weer iets nieuws zoeken. Ik was eigenlijk wel toe aan een andere omgeving. Zodoende zocht ik het iets verder van huis en kwam op Vlieland bij een kampwinkel terecht. Het idee van vakantiewerk op een eiland sprak me heel erg aan. Ik woonde er in een tenthuisje samen met andere collega’s. Zo weinig luxe was ik niet gewend, maar het voelde er al snel als thuis.  Ik heb er geweldige mensen ontmoet en genoten van het eilandleven. Vijf maanden later ging ik pas naar huis.

Recreatiemedewerker op een camping

De zomer daarna ging ik samen met een vriendin werken op een jongerencamping in Renesse. We mochten in een vakantiehuisje slapen, dus dat was al een upgrade ten opzichte van het jaar daarvoor op Vlieland. We werkten hier slechts een paar uur per dag en in die paar uren crossten we in een golfkarretje over het terrein. We checkten de tenten op netheid en begeleidden jongeren naar hun plek. Ook moesten we een sanitaire controle doen als de schoonmaker er niet meer was. Niet mijn meest favoriete klusje. Al met al een super relaxt baantje, waarbij we regelmatig uitstapjes maakten naar bijvoorbeeld Middelburg, Vlissingen of Antwerpen. We waren zelf iets ouder dan de Renesse doelgroep (wij 19, zij 16) dus de jongens waren voor ons niet zo interessant.

Bakker op Vlieland

Vlieland bleef altijd wel in mijn gedachten. Renesse was super leuk, maar ik miste Vlieland. Met dezelfde vriendin ging ik daar weer een zomer werken. Achter de kassa in een supermarkt. We hadden een eigen kamer met uitzicht op de Dorpsstraat. Het werk beviel prima, maar het was wel wat serieuzer allemaal. Hier voelden onze collega’s niet als familie, zoals dat eerder wel het geval was. Maar we hadden elkaar en er liepen nog genoeg leuke mensen op het eiland rond. De jaren erna werkte ik niet meer op het eiland, maar bleef ik er wel trouw ieder jaar op vakantie gaan. Op mijn 25e verbleef ik samen met mijn vader en zusjes een midweek in een huisje. Mijn oog viel op een vacature bij de bakker. Ik werkte destijds in een ijssalon, maar de opkomst daar was heel erg weersafhankelijk en ik werd vaker wel dan niet afgebeld. Bij de bakker zou ik veel meer uren kunnen maken om zo mijn eerste reis naar Azië te kunnen bekostigen. Ik liep naar binnen, stelde me voor en zei dat ik interesse in de vacature had. Ik werd vrijwel meteen aangenomen. Het voelde meteen goed. Eigenlijk had ik er niet zo’n zin in om weer woonruimte te moeten delen, maar daar zette ik me overheen. Ik had er in ieder geval een eigen kamer. Het beviel zo goed, dat ik er het jaar daarna ook een aantal weken ging werken. Heerlijk om te werken in de geur van versgebakken brood en om fysiek bezig te zijn.

Bedompt hok

Niet al mijn ervaringen met seizoenswerk waren even geslaagd. Zo ging ik in 2009 naar Texel om in een restaurant te werken. Ik zou er eerst een weekend proefdraaien. Daarna zou ik in de vakantieperiode terugkomen. Ik heb het weekend niet eens volgemaakt. De grootste reden dat ik gillend wilde wegrennen, was het verblijf waar we moesten slapen. Ik sliep in een bedompt hok met een stuk of vier anderen. Er was amper daglicht en het rook er muf. Ik werd ook horendol van een jongen die zichzelf heel graag hoorde praten en opschiep over zijn vriendschap met acteur Ferry Doedens. Ik heb er één nacht geslapen en pakte toen mijn spullen. Verder had ik in deze periode ook een slechte callcenter ervaring op Curaçao en heb ik slechts twee dagen bij Mc Donalds gewerkt voor ik het daar ook liet afweten. Nee, dit was niet mijn beste jaar. Later heb ik het trouwens nog een keer geprobeerd op Texel. Dit keer werkte ik in een kiosk, op het strand. Ik vond het een heerlijke omgeving en het werk heel leuk. De kleine woonruimte was wederom even slikken, aangezien ik deze moest delen met drie anderen en zelfs geen eigen kamer had. Maar gelukkig waren het leuke meiden dus het was achteraf prima te doen. 

Hieronder een overzichtje van de leukste en minst leuke bijbaantjes:

Leukste bijbanen top 5 

  1. Werken bij de kampwinkel op Stortemelk (Vlieland)
  2. Recreatiemedewerker op de jongerencamping
  3. Werken bij de bakker (Vlieland)
  4. Werken als postbezorger
  5. Werken in een kiosk op Texel

Minst leuke bijbanen top 5

  1. Callcenter werk (was meer een meeloopdag)
  2. Restaurant Texel
  3. Werken bij de Mc Donalds
  4. Klantenservice
  5. Bediening in een grote strandtent 

Ik heb van deze bijbaantjes wel geleerd dat ik heel erg houd van werken in de buitenlucht en graag fysiek bezig ben. Wat ik absoluut niet weer wil doen, is werken bij een callcenter of klantenservice. Ook bedienen in een groot restaurant of een massale strandtent wil ik niet meer. Iets kleinschaligers past beter bij mij. Ik vind het leuk dat ik al zoveel dingen heb uitgeprobeerd. Ook na de bijbanenfase toen ik bij IKEA en de Kleine Wereld (kinderopvang) werkte. Twee totaal verschillende werelden. Die verschillende werkervaringen werken ook wel een beetje in mijn nadeel, want ik vind veel dingen leuk. Werken in de buitenlucht, schrijven en werken met kinderen.


MEER WiNK WRiTES…